De Hollandse Oorlog (1672-1679) en zijn weerslag op de landbouwopbrengsten in Neerlanden
Gepubliceerd door Georges Wemans in Neerlanden - Hollandse Oorlog (1672-79) · zaterdag 20 dec 2025 · 2:30
De Hollandse Oorlog (1672-1678/79) en zijn weerslag op de landbouwopbrengsten in Neerlanden (Georges Wemans)
Verantwoording
De bestudeerde bron is een ambtelijke schepenakte, opgemaakt op 24 april 1679 door de gezworen secretaris Dewale van de schepenbank van de heerlijkheid Neerlanden, in het kwartier van Tienen (1). De akte werd ondertekend door meier Huybrecht Dunion en de schepenen Goordt Libens en Willem Beirghens. Zij is opgesteld in het 17de-eeuwse Brabants ambtelijke Nederlands, en vertoont alle kenmerken van een formele gerechtelijke verklaring (attestatie), zoals beschreven voor dorpsbesturen en schepenbanken in Brabant. Omdat de akte expliciet is opgesteld op verzoek van pachter Aerdt Jadouls ten gunste van diens klacht tegenover de abdij van Park (de heer), heeft zij een duidelijk functioneel en partijdig karakter: het is een bewijsdocument, geen neutrale kroniek. Toch blijft de bron relatief betrouwbaar, gezien de officiële status van de schepenbank en het feit dat schadeverklaringen typisch gecontroleerd werden via visitaties en lokale kennis.
Inhoudelijk beschrijft de akte de opeenvolgende schade die Jadouls tussen 1673 en 1675 en in de daaropvolgende jaren opliep. In 1673 werden zijn graanvelden (17 à 18 bunder) vrijwel volledig vertrapt door doortrekkende Franse troepen van Lodewijk XIV, op weg naar het beleg van Maastricht – gebeurtenissen die passen binnen de militaire campagnes van de Hollandse Oorlog (1672–1678/79). In 1674 liep Jadouls nieuwe verliezen op door de fouragering van de Staatse troepen van Willem III van Oranje, die in Lijssem (Lincent) gelegerd waren in de aanloop naar de veldtocht die o.a. zou leiden tot de Slag bij Seneffe. Het jaar 1675 werd gekenmerkt door misoogst, oorlogsomstandigheden en hagelschade, typische fenomenen voor het kwetsbare agrarische ecosysteem van de Zuidelijke Nederlanden in oorlogstijd (2). Later werd de oogst bovendien verder geteisterd door vogelvraat, wormenschade en muizenplagen.
Deze schepenakte past daarmee in het bredere corpus van micro-regionale oorlogsschaderegistraties tijdens de Hollandse Oorlog, waarin lokale schepenbanken fungeerden als certificerende instellingen binnen het rurale rechtsleven van het hertogdom Brabant. De verklaring bevestigt zowel de materiële gevolgen van militaire doortochten voor landbouwers als de rol van de schepenbank als bemiddelende en juridisch legitimerende autoriteit in de relatie tussen pachters en grote geestelijke heren, zoals de abdij van Park.
(1) BE Ral (518-119). Griffies en gemeenten Brabant. Neerlanden. Archief van de schepenbank van Neerlanden 1613-1796. II Gemeente nr. 7. Stukken met betrekking tot de geschiedenis en bestuur; opmetingen van gronden, processen, militaire opeisingen (1652-1796). De folio's in de map zijn niet genummerd.
(2) E. Vanderlinden, Chronique des événements météorologiques en Belgique jusqu'en 1834, Tome VI, fascicule 1, (Bruxelles: Académie Royale de Belgique, 1924), 163.

Voor de transcriptie van de schepenakte zie: https://wemans.be/blog/index.php?x