Het verhaal van mijn vader Oscar Volont
verteld door zijn zoon J.P. Volont.
Ter gelegenheid van het Verzetscafé op 19 november 2025 in zaal Sinte-Gitter
Werkgroep Landen tijdens W.O.II
I.s.m.
Helden van het Verzet
VERSLAG van de voorstelling (Erfgoedvereniging Pepijn@Landen vzw)
verteld door zijn zoon J.P. Volont.
Ter gelegenheid van het Verzetscafé op 19 november 2025 in zaal Sinte-Gitter
Werkgroep Landen tijdens W.O.II
I.s.m.
Helden van het Verzet
VERSLAG van de voorstelling (Erfgoedvereniging Pepijn@Landen vzw)
Het verhaal van de 3 jonge Verzetsmartelaren van Neerwinden en Laar
gebracht door Herman Roloux
Ter gelegenheid van het Verzetscafé op 19 november 2025 in zaal Sinte-Gitter
Werkgroep Landen tijdens W.O.II
I.s.m.
Helden van het Verzet
VERSLAG van de voorstelling (Erfgoedvereniging Pepijn@Landen vzw)
gebracht door Herman Roloux
Ter gelegenheid van het Verzetscafé op 19 november 2025 in zaal Sinte-Gitter
Werkgroep Landen tijdens W.O.II
I.s.m.
Helden van het Verzet
VERSLAG van de voorstelling (Erfgoedvereniging Pepijn@Landen vzw)
Is de adellijke titel 'baron', zoals vermeld in de huwelijksakte van 1783, terecht toegekend aan Nicolajus Vanegeren, en wat is de werkelijke oorsprong en status van de familie Vanegeren?
De bestudeerde bron is een ambtelijke schepenakte, opgemaakt op 24 april 1679 door de gezworen secretaris Dewale van de schepenbank van de heerlijkheid Neerlanden, in het kwartier van Tienen (1). De akte werd ondertekend door meier Huybrecht Dunion en de schepenen Goordt Libens en Willem Beirghens. Zij is opgesteld in het 17de-eeuwse Brabants ambtelijke Nederlands, en vertoont alle kenmerken van een formele gerechtelijke verklaring (attestatie), zoals beschreven voor dorpsbesturen en schepenbanken in Brabant. Omdat de akte expliciet is opgesteld op verzoek van pachter Aerdt Jadouls ten gunste van diens klacht tegenover de abdij van Park (de heer), heeft zij een duidelijk functioneel en partijdig karakter: het is een bewijsdocument, geen neutrale kroniek. Toch blijft de bron relatief betrouwbaar, gezien de officiële status van de schepenbank en het feit dat schadeverklaringen typisch gecontroleerd werden via visitaties en lokale kennis.
Bron afbeelding: Louis XIV dans la tranchée au siège de Tournai le 21 juin 1667 - Photo (C) RMN-Grand Palais (Château de Versailles) / Gérard Blot - MV2140
Bron afbeelding: Louis XIV dans la tranchée au siège de Tournai le 21 juin 1667 - Photo (C) RMN-Grand Palais (Château de Versailles) / Gérard Blot - MV2140
De winter van 1739–1740 trof grote delen van West-Europa met een uitzonderlijke vorstperiode, met diepe gevolgen voor landbouw en voedselvoorziening. In rurale gebieden, zoals de Meierij van de Gete, leidde uitwintering van granen tot dramatische opbrengstverliezen en sociaaleconomische druk op pachters. De schepenbank van Neerlanden, bijgestaan door de pastoor, stelde op 1 juli 1740 een visitatieakte op waarin de mislukking van tarwe, wintergerst en andere wintergranen officieel werd vastgesteld. Deze bijdrage analyseert de akte als casestudy van een juridisch instrument dat lokale veerkracht bood in de nasleep van een klimaatramp. De casus toont hoe lokale instellingen een buffer vormden tussen economische verplichtingen en humanitaire nood.